Home » Overweging: Jong zijn

Overweging: Jong zijn

Let u eens op de afbeeldingen op de omslag van het liturgieboekje. U ziet een jonge man die in een losse houding zit op een boomstronk. De jongeling is ontspannen, naakt, atletisch gebouwd en in ideale lichaamsverhoudingen weergegeven. Deze wijze van verbeelden van het mannelijk naakt – met de nadruk op idealisering en kracht – hanteerde men ook in het oude Griekenland. De kunstenaar Frederik Engel Jeltsema maakte de ‘Zittende jongeling’ in 1916 en in 1960 schonk hij het beeld toen aan de Gemeente Groningen, samen met een vrouwelijk naakt dat u ziet achterop de liturgie. Dat stelt een bacchante voor, een vrouw die zich overgeeft aan drank en wellust. Het staat nu in het stadhuis, bij de toegang tot de trouwzaal. Jonge mensen met de perfecte lichaamsverhoudingen, de wereld ligt voor ze open, ze zijn ontspannen en ze genieten. Dat is het ideaalbeeld. Maar heel wat jonge mensen, vroeger en nu, voelden en voelen zich onzeker omdat ze niet aan dat beeld voldoen.

Bij de afbeeldingen: Zittende jongeling (1916) en Dansend vrouwelijk naakt – Frederik Engel Jeltsema

Is het een zegen om jong te zijn? Je stelt je dan voor dat je jonge jaren vol zegeningen zijn, dat je gelukkig, gezond, en tevreden bent. Dat je plezier hebt. Dat er steeds weer nieuwe bijzondere ervaringen zijn. Je ontdekt al je mogelijkheden… En daarbij: je leeft nog zorgeloos, je kent nog geen grote verantwoordelijkheden en voor alles wordt gezorgd door anderen, je ouders, je leraren. Een populaire Amerikaanse tv-serie uit de jaren 90 heette The Wonder Years en ging over de opgroeiende Kevin die terug keek op zijn Wonder Years, zijn verwonderjaren. De vraag is nu of dit het beeld is dat volwassenen hebben als ze later, older and sadder, vol nostalgie terugkijken op hun jonge jaren en dan zeggen ‘toen was geluk nog heel gewoon’. Er zijn helaas ook mensen die een leven lang moeten worstelen met een jeugd waarin weinig liefde of aandacht voor ze was.

Als we in twee vieringen de levensfasen van jong en van oud zijn aan de orde stellen, laten we daarbij het bijbelboek Prediker aan het woord. Hij is een wijze, oudere man die ons voorhoudt: geniet van je jeugd, want het is eerder voorbij dan je denkt. Wie was die Prediker? Het boekje begint met te stellen dat nu de woorden volgen van Prediker, zoon van David en koning in Jeruzalem. De wijze koning Salomo dus? Of heeft de samensteller dat er boven gezet om er gezag aan te verlenen? Wetenschappers gaan er nu vanuit dat het raadselachtige geschrift door toeval is ontstaan en een aantal losse uitspraken en beschouwingen heeft gecombineerd. Het is een heel apart boek waarvan nogal wat mensen in de loop van de geschiedenis zich hebben afgevraagd of het wel in de bijbel thuishoorde. Waarom? Anders dan andere bijbelboeken wordt er geen verband gelegd tussen wat een mens doet en de beloning of de straf die erop volgt. De dingen gebeuren gewoon. God wordt ook niet gebruikt als stoplap voor onze open vragen. Eigenlijk klinkt die prediker niet als iemand van 25 eeuwen geleden, maar meer als iemand van onze tijd. Geniet van het leven als je jong bent. Doe wat je hart je ingeeft….  Hij zegt dat op een leeftijd die hem confronteert met ouder zijn. Op het eerste gehoor lijkt hem dat weinig positiefs te bieden. Immers, ouderdom komt met gebreken. Oud worden is aftakelen. Je kan je voorstellen dat hij dan adviseert: Je doet er beter aan te genieten van je jonge jaren. “Volg de wegen die je hart wil gaan, gun je ogen wat ze wensen (…) Belast je hart niet met verdriet en houd je lichaam vrij van kwalen, want je jeugd en jongen jaren zijn al snel voorbij”.

Hoe fantastisch is het vandaag de dag trouwens om hier in het westen jong te zijn?  Daarover klinken de laatste tijd zorgelijke berichten. Het leven lijkt jong volwassenen steeds meer stress te geven.

Uit een onderzoek dat twee jaar geleden onder zo’n 2000 jongeren werd gehouden, blijkt dat 75 procent een gesprek overweegt met een psycholoog. Het percentage jongeren dat kampt met stress-gerelateerde klachten was nog nooit zo hoog. Op de vraag of ze psychische klachten kennen als slecht slapen, piekeren, eetproblemen, angstige of sombere gevoelens, antwoordde 43 procent met ja. En waar komt dat van? De millennials, de twintigers en dertigers, noemen dan ‘de behoefte eeuwig perfect te zijn op alle fronten’, onzekerheid, de druk van werk/stage die veel te hoog is, want ‘voor mij tien anderen’ en ‘te veel keuzes op jonge leeftijd’. Twintigers en dertigers krijgen moeilijker een vast contract en komen moeilijker aan een huis. Daarnaast kan het gros van de huidige generatie studenten niet om een studieschuld heen. Al met al kan er pas later aan al dan niet trouwen en kinderen krijgen worden gedacht. Ook de klimaatveranderingen maken de kijk op de toekomst, die voor hen langer duurt dan voor ons, niet vrolijker.

En hoe kijken we als kerk, als geloofsgemeenschap, hier tegenaan? Erik Borgman, hoogleraar theologie in Tilburg en enkele jaren terug zogeheten visiting professor aan het doopsgezind seminarie, zei afgelopen donderdag in dagblad Trouw: “Als ik naar de samenleving kijk, zie ik dat veel mensen op jonge leeftijd al burnout raken en met vragen zitten als: wat wordt er van me gevraagd, wat is mijn betekenis en hoe ga ik om met mijn eigen tekorten. Dat zijn typisch vragen uit het hart van de christelijke traditie. Maar ik zie maar weinig besef in de kerk dat dit de context is waarin wij van betekenis kunnen zijn.”

Willen wij van betekenis zijn voor jonge mensen? Er zijn ouderen die vooral bezig zijn met de zorgen van de eigen leeftijdsgroep, zoals dat er aan de pensioenen geknibbeld wordt of dat de ouderenzorg onder druk staat. Dat zijn ook best problemen. En zo hebben alle leeftijdsgroepen eigen zorgen. De opgave aan de samenleving en ook aan de kerken is om de generaties met elkaar te verbinden. We hebben elkaar nodig. Het is niet goed als de samenleving uiteenvalt in groepen die ieder alleen of vooral opkomen voor het eigen groepsbelang en dus strijden met elkaar. Dat we niet krijgen dat straks in onze volksvertegenwoordiging het strijdtoneel is waar vooral belangengroepen als een partij voor de ouderen, een partij voor de boeren, een partij voor allochtonen en een partij voor de dieren proberen alleen voor de eigen groep voordeel te behalen, ten koste van de andere.   Kunnen de kerken nog groepen met elkaar verbinden? Het is een gegeven dat wij hier in De Kapel in hoofdzaak met oudere mensen zijn. Maar we willen er niet alleen voor onszelf zijn. We zetten ons in voor de vrede en voor de duurzaamheid en voor de diversiteit in de samenleving, voor een samenleving waar ruimte is voor mensen van allerlei kleur, sexe, leeftijd, en oriëntatie. Voor de jonge volwassenen die hier niet komen en die natuurlijk ook op zoek zijn naar een zinvol leven, zijn we een project gestart, de Jonge Kapel. Timo van Kempen is op zoek naar hen. Het is niet eens de bedoeling om zo nieuwe leden in de leeftijd van 25-40 jaar te werven, of dat ze naar onze zondagmorgen vieringen komen, maar wel om hen, zeg naast onze Kapel, ruimte te bieden voor ontmoeting en oriëntatie als het gaat om bezinning.

Het advies van Prediker aan de jeugd om vooral te genieten zolang het kan, is wel erg gemakkelijk en oppervlakkig. Het klinkt als het advies van verzekeringsmaatschappij Zwitser Leven maar dan aan ouderen. Weet u nog? Het Zwitserleven gevoel. Het onbezorgde gevoel dat je jouw inkomen voor later goed hebt geregeld en dan kan het grote genieten beginnen. Daar is een mooi woord voor: hedonisme, genotzucht.

Het zoeken naar altijd feest bedekt niet zelden een leegte, een ongenoegen, een onvoldaanheid. Net als altijd kopen en aanschaffen, of steeds maar eten zonder dat je honger hebt. We kunnen jongeren ook meer laten voelen dat ze welkom zijn, dat we ze nodig hebben, dat we ze de ruimte geven en dat we ze willen steunen in het opbouwen van een mooie toekomst. Dat we ze niet alleen laten in een rat-race, dat ze niet alleen maar hoeven te vechten en te presteren. We kunnen ze vertrouwen geven, veiligheid en een zekere geborgenheid. De dichter Ida Gerhardt heeft dat in haar jeugd juist gemist. “’k Moest dwalen, ‘k moest dwalen, geluk nooit te behalen”. Ze zei later: “Wij hebben een jeugd gehad zonder warmte, zonder koestering; nooit een zoen, nooit een arm om je heen.”  Daar begint het voor ons allemaal. Daarmee moeten wij onze jongeren de warmte geven die hen zelfvertrouwen en liefde geeft en hen een zekere bescherming biedt tegen de hoge eisen van het harde leven én bescherming tegen de neiging het te uitsluitend zoeken in het hebben boven het zijn. Waarden meegeven.

“Meester, wat voor goeds moet ik doen om het eeuwige leven te verwerven?” vraagt de rijke jongeling aan Jezus. Dat is niet, zoals u misschien denkt, de vraag ‘hoe kom ik in de hemel?’ maar hoe leid ik een leven dat helemaal overeenkomstig Gods bedoelingen is. Blijkbaar voelt de jongeman een soort gemis, een onvolkomenheid. Hij is onverzadigd. En hij zoekt het antwoord in de juiste richting. Daarom komt hij bij Jezus met zijn diepe vraag en authentiek verlangen. Jezus richt hem niet eerst op het handelen maar op God. We zien dat Jezus toch meegaat met de vraag van de jongeman. In Jezus’ antwoord zien we enkel en alleen het horizontale handelen van de mens naar zijn naasten. Vier negatieve geboden en twee positieve. Maar geen woord over God of de hemel. Of toch?! We weten het goed: godsdienst houdt wezenlijk mensendienst in. Mensendienst is altijd ook dienst aan God. De jongeman volbrengt dat alles. Maar toch ervaart hij een gemis. Hij wil meer. Hij moet volmaakt zijn. Daarin verschilt hij niet van wat we hoorden van de jonge mens van nu: de behoefte om eeuwig perfect te zijn. Daarvoor moet hij zijn eigendommen verkopen en de opbrengst aan de armen geven. Dit is wel heel radicaal. Hij kan het niet, ja wie wel? Ik niet. En we mogen het ook niet van onze jongeren vragen. We moeten en mogen leven met onze imperfecties en tegelijk kunnen vertrouwen op het mededogen en de koestering van elkaar. Gunnen we jongeren zo de lucht, de veiligheid, de vreugde om als die dansende jonge vrouw zich veilig voelend die ene stap buiten de vaste basis te zetten, op weg naar de toekomst?

Amen

ds Peter Korver