Home » Elites, wat is erop tegen?

Elites, wat is erop tegen?

Onder deze titel schreef de bekende remonstrantse predikant en hoogleraar L.J. van Holk vlak voor zijn dood in 1982 nog een boek. Het is bijna veertig jaar geleden, maar ook toen stond het begrip ‘elite’ in een kwade reuk. In het kort gezegd: de elite is dat deel van de bevolking dat het hoogst is opgeleid, het meest verdient en de grootste invloed heeft. Wie zal er hardop zeggen dat hij elitair is? Dat doe je niet. Je ontkent dat je tot de elite behoort. Sarah de Lange, bijzonder hoogleraar Politieke Wetenschappen, legt het zo uit: “Populisten kijken naar de samenleving en zeggen: aan de ene kant heb je het volk. Dat is goed, werkt hard en heeft goede waarden. Aan de andere kant staat de elite, die cultureel, economisch of politiek kan zijn. Die is corrupt, weet niet wat er leeft en heeft alleen oog voor de eigen belangen.”

Van Holk meende dat een samenleving niet zonder elites kan. Hij schreef zijn boek vanuit zijn betrokkenheid bij de remonstranten. Die worden net als andere vrijzinnigen vaak gerekend tot de elite. En niet helemaal ten onrechte. Zij zijn nu eenmaal wat hoger opgeleid dan gemiddeld. De preken en het aanbod van lezingen en kringen worden daarop ingesteld. Elites kunnen hun natuurlijk een bevoorrechte positie misbruiken, ze kunnen echter ook de grotere verantwoordelijkheid die zij dragen binnen de samenleving serieus nemen. Zoals een oud Frans spreekwoord zegt: Noblesse oblige, adeldom verplicht. In tijden van crisis eens te meer.

Van Holks professoraat werd in dit opzicht tijdens die oorlog op de proef gesteld. Op de 26e november 1940, de dag waarop alle joodse hoogleraren op last van de Duitse bezetter waren ontslagen, had behalve R.P. Cleveringa ook Van Holk geprotesteerd tijdens colleges. Hij sprak over Spinoza en de onschatbare joodse bijdrage tot het Nederlandse geestesleven. Nog in 1941 verscheen zijn Judas Iskarioth. Een overdenking over den verrader en het verraad. Zijn afwijzende houding tegenover de bezetter was deze ondertussen niet ontgaan. Op 30 mei 1942 kreeg hij ontslag, zij het nog op eigen verzoek, en van juli 1942 tot 14 februari 1944 verbleef hij in de gijzelaarskampen Sint-Michielsgestel.

Een paar maanden geleden verscheen het boekje ‘Elites gezocht’, geschreven door twee 35-jarige auteurs. De één, Sander Schimmelpennick is hoofdredacteur van het zakenblad Quote, de ander, Ruben van Zwieten, is predikant in het zakenhart van Nederland, de Zuidas. Ze maken zelf deel uit van de elite, zo geven zij royaal toe, en tegelijk zijn ze kritisch op de jonge, nieuwe elite. Zij stellen de vraag: hoe zou een moderne, 21eeeuwse elite zich moeten gedragen? Wie ertoe behoort heeft dat tegenwoordig niet meer te danken aan afkomst, maar door eigen inspanning en dat is mogelijk want er is kansengelijkheid. Of is dat laatste toch niet helemaal waar? De auteurs zien om zich heen dat de jonge bevoorrechten van onze samenleving geobsedeerd worden door hun eigen vermogen en de toekomst van hun eigen kinderen. Economische welvaart is gaan samenvallen met geestelijke en sociale armoede. De maatschappelijke betrokkenheid onder hen zou kleiner zijn en ook zou er sprake zijn van onverschilligheid ten aanzien van het welzijn van achterblijvers.

Heeft een geloofsgemeenschap als de onze elitaire trekjes? En zo ja, wat betekent dat voor de manier waarop wij in de wereld staan? Onze boekenkring buigt zich de komende maand over dit boek. Voor wie belangstelling heeft: neemt u contact op met Joke Ubbink (jubbink@kpnmail.nl) .

Peter Korver