Home » Vechten voor vrede

Vechten voor vrede

vechten voor vredeHet lijkt een contradictio in terminis, een tegenspraak in zichzelve, wanneer je zegt te willen vechten voor vrede. Kan geweld een middel zijn om vrede af te dwingen? Behalve dat de uitdrukking een beeldspraak is voor je inzetten met alles wat je in je hebt, kan dat vechten ook letterlijk zijn. We sturen immers soldaten op vredesmissies, we bewapenen politiemensen om de rust te bewaren en we hebben 70 jaar geleden de vrede afgedwongen door hard te vechten en door het afwerpen van atoombommen op Japan.

Bij onze koloniale ambities in Indië moesten delen van het land regelmatig ‘gepacificeerd’ worden. Dat is letterlijk: tot vrede gebracht worden, maar dat betekende in werkelijkheid met veel geweld tot ònze orde gebracht worden.

Bij elke praktijk van oorlog en geweld is er een wij/zij denken. Wij zijn degenen die in ons recht staan en geen oorlog ambiëren, zij degenen die onrecht en geweld nastreven. In dat denken ben ik ook groot geworden: de tweede wereldoorlog was veroorzaakt door het nazisme en het Japanse imperialisme. Zij en hun handlangers waren fout en ‘wij’ waren goed en slachtoffer. Na de oorlog kenden we de ‘wij’ van de vrije westerse wereld tegenover de ‘zij’ van het communisme.  In onze dagen is het ook duidelijk wie de ‘zij’ vormen die met geweld bestreden moeten worden om de vrede te bereiken: IS en het terrorisme.

De afgelopen maanden heb ik mij om uiteenlopende redenen bezig gehouden met de geschiedenis van de dertiger, veertiger en vijftiger jaren. Ik vertrok daarbij met duidelijke afkeuren en voorkeuren. De afkeur van totalitaire en gewelddadige ideologieën die ik had, heb ik nog altijd. Maar het geloof in de zuiverheid en vredelievendheid die ‘wij’ steeds kenden, heeft de nodige deuken gekregen. Churchill was (en is) een held, een mens die het verschil maakte, die staande bleef in het verzet tegen het nazisme, die belangrijk heeft bijgedragen aan de overwinning van de vrije en democratische wereld. Ja, zeker, maar, zo is mij duidelijk geworden, ook een man die genoot en blij opgewonden was als het om oorlog ging. Bij wijze van vergelding gaf hij bevel steden als Hamburg, Dresden en Berlijn te bombarderen. Daarbij kwamen tienduizenden burgers om in vuurzeeën. Niet kan worden aangetoond dat er enige militaire noodzaak was.

Vorige maand stonden we stil bij het feit dat 70 jaren geleden twee atoombommen op grote Japanse steden werden afgeworpen. Als gevolg daarvan kwamen circa 250.000 mensen om het leven. Als gevolg van stralingsziekte en kanker zouden nog enige honderdduizenden slachtoffers volgen. Waarom heeft de gruwelijke werkelijkheid van deze wapens mij nooit echt ontsteld? Ze vormen een absoluut dieptepunt in de geschiedenis van de mensheid. Wapens die zijn uitgedacht om tienduizenden mensen in één keer te doden en hele gebieden te verwoesten en onleefbaar te maken. Net als de meesten van ons wist ik niet beter dan: ‘Hierdoor kwam er in één keer een einde aan de oorlog. Zonder die bommen waren er nog veel meer slachtoffers gevallen.’  Het doel (een einde aan de oorlog) heiligt hier de middelen (het vernietigen, het opofferen van tienduizenden tegelijk). Treurig is dat historici ook hier hebben moeten vaststellen dat voor Japan de oorlog al zo goed als verloren was en noch atoombommen noch een invasie van het land nodig waren.

Ook pijnlijk: een nieuw wetenschappelijk onderzoek, zo lees ik net, heeft aangetoond dat Nederlandse militairen in de periode 1945-1950 bij de onafhankelijkheidsverklaring van Indonesië ‘structureel en extreem geweld’ hebben gebruikt. Nee, het gaat niet om enkele betreurenswaardige incidenten, maar om structureel geweld. Hoe is het mogelijk dat jongens die net de terreur van de bezetting in eigen land hebben overleefd, in Indië zelf weer meewerkten aan nieuwe gruwelijkheden?

Het vermogen om over te gaan tot geweld zit kennelijk in goede en slechte mensen, in iedereen. Het kan opgeroepen en gestimuleerd worden door gewetenloze regimes. Het kan voorgesteld worden als een noodzakelijk kwaad. Maar in veel gevallen kan het ook vermeden en voorkomen worden. En soms ook ondergaan worden zonder tegengeweld. Jezus van Nazareth is daarvan ons voorbeeld. De kerk heeft zich helaas niet steeds begeven op dat pad. Maar ook is er steeds een sterke irenische (vredes)stroming geweest die vijandige groepen tot elkaar probeerde te brengen, die geweldloos communiceren en mediation bevorderde. De vredesbeweging PAX probeert vanuit de kerken daaraan bij te dragen.  Aan een vrede zonder daarvoor te hoeven vechten.
Peter Korver