Roze Zondag   7 mei 2017

Met de vertegenwoordigers van Wijdekerk die wij vandaag in ons midden hebben, worden we ineens weer bepaald bij dat woord ‘kerk’. Misschien dat u wel gemakkelijk zegt: ik ga zondag naar de kerk, maar voelt u zich ook lid van een kerk? Doopsgezinden en Remonstranten horen bij een broederschap en wie hoort bij Vrijzinnigen Nederland, wat vroeger de NPB heette,  die is lid van een vereniging. Wie hier vaak komt, zegt dat hij of zij lid is van De Kapel of nog wat algemener vriend daarvan is. In de officiële naam van ons zit het woord geloofsgemeenschap :  Vrijzinnige Geloofsgemeenschap Hilversum. Dat is al een stuk minder vrijblijvend. Het vertelt dat we hier niet zitten als een toevallige verzameling van individuen, die ieder vanwege een eigen beweegreden hier een keertje komt, maar dat we ook bewust elkaar zoeken, we willen een gemeenschap zijn en dat rond het thema ‘geloof’. Daarmee is dan nog helemaal niet gezegd dat we precies weten wat we geloven of dat we dezelfde geloofsvoorstellingen hebben. Samen zijn we op zoek naar antwoorden op levensvragen en we doen dat vanuit het vermoeden dat er een zin verborgen is onder ons leven, dat er een kracht is die ons draagt.  Het begrip geloofsgemeenschap vinden de meesten van ons een prettiger begrip voor wat we hier hebben dan kerk. Hoe komt dat?

Ik denk dat het een wat al te exclusief christelijke betekenis heeft en teveel doet denken aan de orthodoxe kerk van de jeugd, een kerk waarvan afscheid is genomen. De kerk die het allemaal zo goed wist en die je denken en je leven te zeer wilde bepalen. Er zijn onder ons die bewust eruit zijn gestapt en daarna vrij opademden. Het is dan al heel wat als je nog eens een overstap durft te maken naar een nieuwe gemeenschap, als die maar niet te nadrukkelijk ‘kerk’ is….  Vandaag zijn onder ons gasten die misschien alle reden zouden hebben om ook te breken met de kerk van hun jeugd. Omdat ze gemerkt hebben dat ze daar niet altijd geaccepteerd worden in wie zij zijn, in wat zij voelen en de keuzes die zij maken als het gaat om liefde en seksualiteit. En toch blijven zij. Zij zijn gelovig en willen als christen hun plek in de christelijke gemeenschap houden. Wij, de kerk. Een kerk die dan ook wijd moet zijn, omdat iedereen die zich aangesproken voelt door het evangelie thuis moet kunnen zijn.  Het brengt ons bij de diepe betekenis van dat ene woordje kerk. Het is te herleiden tot het Griekse woord “Kurios” wat Heer betekent. Kerk is in het Grieks  “kuriake” en betekent: wat van de Heer is. Het wil uitdrukken dat de kerk geen zaak van mensen is maar dat zij het eigendom van de Heer, van Christus is. Wie zich geroepen voelt door Christus is deel van zijn gemeenschap. Het zijn dus geen anderen die jou kunnen verhinderen er deel van uit te maken. Het is de Heer die roept en je welkom heet. Kom maar, ik ben er ook voor jou, ik ben er voor mannen en vrouwen, voor zowel een Johannes als een Maria van Magdala, kom maar, ik ben er voor rijken en voor armen, voor de rijke jongeling en voor de arme weduwe, kom maar, ik ben er voor heiligen en voor zondaars, dus ook voor tollenaars, overspeligen en ook voor verraders als Judas. Kom maar, ik ben er gehuwden en alleenwonenden, voor een Petrus die getrouwd was en een Paulus die ervoor koos dat niet te zijn. Kom maar, als je God liefhebt en je naaste als jezelf. Kom maar, als je valt op iemand van je eigen geslacht en als je daarmee wil samenleven. (…)

Dat laatste heeft Jezus niet gezegd. Of misschien wel, maar dan zijn  zulke uitspraken niet door de redactie van de evangelisten gekomen. Maar zeker heeft de Heer zich niet tegen andere vormen van liefde uitgesproken. Paulus schrijft over homoseksualiteit. In zijn brief aan de Romeinen schrijft hij over hoe mensen slaaf worden van hun eigen slechte seksuele verlangens en zich verkeerd gaan gedragen en vrouwen nu seks met vrouwen hebben en mannen met mannen. Orthodoxe christenen zeggen ’Hij wijst het radicaal af, en wij met hem’, en christelijke partijen als SGP en ChristenUnie met hen. Beroepen ze zich terecht op Paulus? Of moeten ze van homoseksualiteit sowieso niks hebben en gebruiken ze Paulus selectief om daar een christelijke basis aan te geven? Paulus veroordeelt in Romeinen 1 geen homoseksualiteit in onze zin, maar de louter op genot gerichte seksuele daden tussen mensen. Seksuele daden tussen mensen van hetzelfde geslacht noemt Paulus tegennatuurlijk. Hij onderscheidt natuurlijke seksuele daden en tegennatuurlijke. De natuurlijke zijn gericht op het verwekken van kinderen. De tegennatuurlijke draaien uitsluitend om genot. Daar zou dan ieder seksueel contact onder vallen dat niet gericht is op de voortplanting. Ook dus op heel wat gevrij tussen mannen en vrouwen, als zij bewust verhinderen dat er kinderen van komen. In de grootste christelijke kerk wereldwijd, de RK, is nog altijd de officiële opvatting dat de seks bedoeld is voor procreatie, voortplanting en daarom thuis hoort binnen het huwelijk tussen man en vrouw, want de instelling van het huwelijk heeft als doel het verwekken van kinderen. Deze opvatting maakt de liefde van de ene mens tot de andere eigenlijk van een ondergeschikt belang. Ik weet nog hoe mijn eigen katholieke moeder mij eens vertelde dat ze voor het kerkelijk huwelijk in het gesprek dat zij en mijn vader vooraf met de pastoor hadden moest ondertekenen dat het doel van het huwelijk was om kinderen voort te brengen. Zij weigerde dat. De priester zei dat hij ze dan niet kon laten trouwen. Mijn vader fluisterde haar toe, doe nou maar, doch ze gaf niet op. Gelukkig was er een heeroom, die het wel wilde doen.

Als wij willen leven met een God die gelijk staat aan liefde, als wij het hele kerkelijke gebeuren als een afgeleide willen zien van dat ene gebod, heb God lief en je naaste als jezelf, dan mogen wij in de kerk in de eerste plaats de liefde vieren, de liefde bevorderen, in vrijheid. Liefde kan je overvallen, voor liefde kan je ook kiezen. Voor veel vrijzinnigen is een geliefd bijbelwoord “Staat dan in de vrijheid, met welke ons Christus vrijgemaakt heeft, en wordt niet wederom met het juk der dienstbaarheid bevangen.” Dat is trouwens ook door Paulus geschreven in zijn brief aan de Galaten (5:1). De Remonstranten, één van de groeperingen die hier in De Kapel samenwerken, heeft die vrijheid en die gelijkheid van menselijke liefde alweer dertig jaar geleden vastgelegd toen er een nieuwe kerkorde gemaakt moest worden. Het inzegenen van relaties tussen volwassenen van hetzelfde geslacht werd mogelijk gemaakt. Daarmee was zij in 1986 de eerste kerk wereldwijd die andere verbintenissen dan het klassieke huwelijk tussen man en vrouw volwaardig en gelijkwaardig zag.  Andere vrijzinnige groepen volgden en in heel wat PKN-gemeenten is een inzegening mogelijk. Is daarmee de emancipatie voltooid? Niet altijd en overal. Niet bij alle kerken in Nederland, niet bij de meeste kerken wereldwijd. Wel voor de wet in Nederland, niet voor nog heel wat wetten elders. Wel in de hoofden en harten van een toenemend aantal mensen, nog lang niet van iedereen. Welke bijdrage kunnen we leveren aan een grotere verdraagzaamheid en acceptatie?

De kerk, de geloofsgemeenschap, die in het spoor van Jezus van Nazareth wil gaan, kan dat alleen doen door iedereen erbij te laten horen, jong en oud, blank en zwart, heiligen en zondaars, mannen en vrouwen, rijken en armen, hetero’s, homo’s en transgenders. Wij allemaal zijn onderweg als Gods volk, naar een toekomst ongedacht en we laten ons onderweg inspireren door de man van Nazareth, die ons door lijden en dood heen ons is voorgegaan naar een bevrijd leven, waardoor wij mogen geloven dat eens de liefde vrij en bevrijd is. Het team dat de fotopresentatie van zo dadelijk heeft gemaakt, het team van Verscheurd, heeft dat mooi en goed verwoord:

We geloven in de kracht van liefde.

We geloven in eenheid in verscheidenheid.

We geloven dat liefde de kern is van de boodschap die Jezus kwam brengen. Jezus leerde ons dat God liefde is. En dat we ons aan Hem mogen toevertrouwen.

Want Gods woord is voor iedereen. En Zijn gezin is diverser dan we ooit kunnen vermoeden.

Laten we als geloofsgemeenschappen en kerken bidden dat de liefde ons allen eens vrij zal maken. En dat we, net als in de strijd voor gelijke burgerrechten van blank en zwart in 1963, erop mogen vertrouwen dat we eens, net als dr. Martin Luther King, kunnen verzuchten: “Free at last! Free at last! Thank God Almighty, we are free at last!”

Amen

ds.

Peter Korver