Overweging: Wat klaarstaat op tafel

De afgelopen 2 jaar besteedde Peter Korver zijn studieverlof aan een boekje dat binnenkort, waarschijnlijk nog dit jaar, verschijnt en als titel heeft De maaltijd die verbindt. 

Het is een pleidooi voor vernieuwing van de Vieringen van Brood en Wijn in vrijzinnige geloofsgemeenschappen.

Peter onderscheidt in zijn boekje in feite een drietal Vieringen van Brood en Wijn; – de eerste vorm is de traditionele vorm waarin het Brood en de Wijn door de voorganger gedeeld wordt en waar, geheel of gedeeltelijk, de woorden gesproken worden die Jezus sprak bij het laatste Avondmaal. Een vorm die met name op Witte Donderdag, in de Stille Week voor Pasen, gebruikt wordt.

– de tweede vorm is het Delen van Brood en Wijn in de eigen gemeenschap en gasten van nabij. Dit kan zijn in een vorm zoals we hier vandaag hebben of bijvoorbeeld een agapè maaltijd, een maaltijd van delen in vriendschap, of zoals wij het hier kennen met de maaltijd van Even op adem komen.

We kunnen ook juist anderen uitnodigen, mensen van buiten onze eigen gemeenschap, ook van andere geloofstradities. Een maaltijd waarmee we uitstralen er niet alleen voor onszelf, maar voor de wereld te willen zijn. Een maaltijd zoals we hier met onze statushouders hebben gehad bijvoorbeeld.

– de derde vorm is de wereldmaaltijd, De Wereldmaaltijd laat zien dat er meer dan genoeg voedsel is voor iedereen. Op basis van cijfers van de FAO, de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties, heeft Stichting WereldDelen berekend wat iedere wereldbewoner elke dag zou kunnen eten als de wereldvoedselproductie gelijk verdeeld zou zijn. Deze hoeveelheid voedsel hebben zij de Wereldmaaltijd genoemd en bestaat uit 267 gram tarwe, 282 gram rijst, 345 gram maïs, 53 gram gerst, 61 gram overige granen, 147 gram aardappelen, 423 gram groenten, 247 gram fruit, 288 gram melk en nog andere ingrediënten. In de Wereldmaaltijd is geen vlees en opgenomen. Dat is niet zonder reden gedaan. De productie van vlees zorgt namelijk voor een enorme verspilling van voedsel.

De allereerste gemeenschappen die ontstonden na Jezus overlijden hadden wekelijks een gezamenlijke maaltijd.

Als voorgangers hebben wij afgesproken deze drie vormen van de Maaltijd vieren dit seizoen vorm te geven. Vandaag is gekozen voor de tweede vorm, die past bij deze zondag; de laatste zondag van het kerkelijk jaar. Delen van Brood en Wijn als gemeenschap en wel door de gemeenschap.

Het verhaal van de Rabbi met zijn leerling en de mensen met de lange lepels is natuurlijk niet zomaar een verhaal, het is een verhaal met een diepere laag erin zoals u al begrepen zult hebben.

Want wanneer wij alleen aan onszelf denken en onszelf willen voeden lukt dat niet, dan zijn we afgesloten van elkaar en komen niet bij het voedsel op de lepels met die lange stelen. Het is in het verhaald het beeld van de hel.

Maar wanneer wij elkaar helpen, wanneer wij delen en zorg hebben voor elkaar zijn wij verbonden en kunnen wij elkaar voeden. Het beeld van de hemel.

In onze kwetsbaarheid zoeken wij elkaar als mensen op met onze vragen, met onze zorgen, met onze vreugde en zo zijn wij elkaar in een geloofsgemeenschap tot steun. Of kunnen wij elkaar tot steun zijn. 

Het gaat hier dan niet om het tastbare voedsel wat we eten. Nee, in zo’n geloofsgemeenschap kan onze ziel gevoed worden, bijvoorbeeld door de verhalen uit de Bijbel en andere Heilige boeken, door Voorgangers, door muziek, maar vooral ook door met elkaar in gesprek te zijn.

We vertellen elkaar onze verhalen en waar kun je dat beter doen dan aan tafel?

De rituele maaltijd waarvan het oorspronkelijke kerkelijke Avondmaal van is afgeleid, het laatste avondmaal waar Jezus met zijn discipelen aan tafel zit, was oorspronkelijk een gewone sedermaaltijd. Een maaltijd die gehouden werd aan het begin van het Pesachfeest, dat herinnert aan de uittocht uit Egypte.

Er werd gezamenlijk gegeten, een maaltijd die – ook nu nog bij de Joden – met rituelen gepaard gaat, oa het stellen van 4 vragen door het jongste kind aan de vader. Vragen die betrekking hebben op de rituelen die bij deze maaltijd horen.

Het Avondmaal, zoals in de Protestantse Kerken gevierd wordt, of de Eucharistie in de Rooms Katholieke kerken, gaan terug op de woorden van Jezus wanneer hij zegt Neemt eet, dit is mijn lichaam en Dit is mijn bloed, voor velen vergoten.

Hier wil ik nu op dit moment niet verder op ingaan.

Nadat in de vrijzinnigheid de rituelen steeds meer uitgebannen werden is er nu, ook breed maatschappelijk buiten de kerken, een trend gaande dat er meer en meer behoefte is aan rituelen.

Daar waar, enkele jaren geleden nog maar, weerstand was tegen het aansteken van de Kaars of de Paaskaars, hebben wij ook hier in de Kapel tegenwoordig de mogelijkheid om voor de Viering persoonlijk een kaarsje aan te steken. En van die mogelijkheid wordt grif gebruik gemaakt. En is de opbouw van de liturgie niet één groot ritueel?

In onze maatschappij waarin de individualisering hoogtij viert en waar wij steeds meer zijn aangewezen op onszelf en waar we steeds langer op onszelf moeten blijven wonen, een maatschappij waarin de vereenzaming steeds groter wordt, komt er ook opnieuw meer behoefte aan het behoren bij een gemeenschap, al dan niet verbonden in geloof.

In de Bijbellezing die wij zojuist hoorden doet Petrus een oproep, een oproep en bemoediging die wij ook nu nog ter harte zouden kunnen nemen

Tot slot vraag ik u: Wees allen eensgezind, leef met elkaar mee, heb elkaar lief als broeders en zusters, wees barmhartig en bereid de minste te zijn.

Vergeld geen kwaad met kwaad, en als u wordt uitgescholden, scheld dan niet terug; zegen juist, opdat u ook zelf zegen ontvangt, want daartoe bent u geroepen. Immers: Wie het leven liefheeft en gelukkig wil zijn, moet geen laster of leugens over zijn lippen laten komen, hij moet het kwaad uit de weg gaan en het goede doen, en voortdurend vrede nastreven.

Dit is wat wij als Kapel, wat wij als geloofsgemeenschap, willen uitstralen en willen zijn hier in Hilversum. Een gemeenschap waar met elkaar wordt meegeleefd, waarin we elkaar bemoedigen en elkaar mogen zegenen, waar – naar ik hoop – geen kwaad over elkaar gesproken wordt en waar we vrede nastreven. Vrede voor onszelf en vrede voor de wereld, ieder binnen onze eigen mogelijkheden. 

We hebben daarin elk onze eigen verantwoordelijkheid die we op onze eigen manier vorm kunnen geven. De één niet beter dan de ander maar als verschillende vormen die naast elkaar bestaan en elkaar aanvullen.

Zo zijn we er voor elkaar, zo vertellen wij elkaar en zo luisteren wij naar elkaar. De ene keer bent u degene die vertelt, uw lief en uw leed deelt met de ander en de andere keer bent u degene die luistert of praktische hulp biedt aan de ander. Zo gaan wij samen aan tafel en delen met elkaar. Daarom wordt in deze Viering het Brood niet enkel door de Voorganger gebroken maar wordt het brood gebroken door u en deelt u dit met de ander, zoals ook de mensen met de lange lepels dit deden.

Onze verbinding met Jezus wordt in deze Viering gevierd, deze bijzondere mens Jezus die wij mogen navolgen in hoe hij verbinding zocht met mensen in alle lagen van de bevolking en hoe hij probeerde te verbinden. De Jezus die mensen weer wilde laten nadenken over het hoe en waarom van wetten die er zijn de Jezus die de dialoog aanging en zijn hoop vestigde op mensen die met elkaar samen leven in vrede.

Zo zijn wij samen op weg verbonden met elkaar, als gemeenschap, in en met deze wereld. En het brood mag dan symbool zijn van die gemeenschap, brood dat wordt gebroken in delen zoals wij allen ook deel zijn van deze gemeenschap. Het wijn mag dan symbool zijn van de Geest, de heilige adem en van dat wat ons inspireert, wat door ons allen heen stroomt.

Brood en wijn, als leeftocht voor onderweg.

We vieren een maaltijd van verbinding, we vieren onze gemeenschap, samen aan tafel!

Amen

Monika Rietveld