Overweging 23 oktober: Ben ik verbonden?

bomen-zijn-verbondenIn 1995 verscheen het boek In dialoog met de natuur van Irene van Lippe Biesterveld, de dochter van wijlen prinses Juliana en prins Bernhard.

Het was een tijd waarin er lacherig werd gedaan over dit soort dingen, en dit geldt voor sommige mensen nog. Er werd toen met enige regelmaat gezegd prinses Irene praat met bomen.

Afgelopen maand las ik tijdens mijn vakantie ( een boek dat genoemd werd tijdens één van de avonden van Even op adem komen) het boek ‘Het verborgen leven van bomen’ geschreven door Peter Wohlleben.

Wohlleben, boswachter in Duitsland, ontdekte door zijn liefde voor de natuur, door het werken in- en observeren van de natuur dat bomen met elkaar communiceren. En inmiddels wordt dit denken breder gedragen, ook wetenschappelijk.

Niet enkel mensen communiceren met elkaar of met dieren of bomen, de hele natuur communiceert met elkaar, bomen communiceren ook onderling. 

Dit is vooral heel duidelijk in de oerbossen te signaleren, waar nog geen of nauwelijks ingrijpen van de mens is geweest.

Wat wij zien is met name wat zich boven de grond afspeelt en we realiseren ons vaak niet dat een belangrijk deel van het leven van bomen zich juist ook onder de grond afspeelt. Het is daar dat gezonde bomen de zwakkere bomen kunnen voeden, het is daar dat de oudere bomen hun kinderen voeden, waar er uitwisseling van voedingsstoffen plaatsvindt. Ja, zelfs oude boomstronken doen hier nog in mee. Via de wortels die wijd verbreid zijn en zich verbinden met elkaar en via het schimmelnetwerk dat wortelpunten omhult en zich wijd uitstrekt. Deze werken  net als een glasvezelkabel van internet. Bomen en bossen staan zo met elkaar in verbinding. Bomen kunnen elkaar zelfs waarschuwen via hun gebladerte door giftige stoffen en waarschuwingsgassen te produceren. Bijvoorbeeld wanneer hun blad gegeten wordt. 

Bomen zijn met elkaar verbonden en door voor elkaar te zorgen staan ze sterker.

Wilt u hier meer over weten dan kan ik u dit boek zeker aanraden, ik kijk in ieder geval met andere ogen naar bomen en bossen na het lezen van dit boek.

Het wortelnetwerk, dat ondergronds verbonden is en wat zichtbaar gemaakt kan worden wanneer we de aarde weghalen, is – zo zou je kunnen zeggen – als het parelnet van Indra. We hebben het zojuist zichtbaar gemaakt met de draden van wol die door de kerk gingen en ons verbonden. Het parelnet van Indra werd door Alan W. Watts, Engels filosoof en schrijver, vergeleken met een multidimensionaal spinnenweb, zoals die in deze tijd van het jaar zo mooi zichtbaar kunnen zijn, bedekt met dauwdruppeltjes als kleine pareltjes. In een zo’n dauwdruppel zijn de andere dauwdruppels zichtbaar, worden ze weerspiegeld. En via de draden van het spinnenweb zijn ze met elkaar verbonden.

Het boeddhisme kent het parelnetwerk als de voorstelling van het universum, alles wat zich daarin bevindt is met elkaar verbonden. Zowel op microniveau als op macroniveau. Het is als een gecompliceerd computernetwerk waar elk deeltje communiceert en resoneert met de zijn omgevende deeltjes. Een subatomair deeltje kan in zichzelf niet eens bestaan, heeft de andere deeltjes nodig. 

Edward Lorenz had het in 1961 over het vlindereffect, een metafoor om aan te geven dat de vleugels van een vlinder in Brazilië maanden later een storm in Texas zouden kunnen veroorzaken. Of zoals wanneer we een steen in het water gooien we daarom heen kringen die bewegen zien ontstaan die steeds verder uitreiken. 

Met dan dit verschil; dat bij de vlinder en de storm de beweging steeds sterker wordt en de steen en het water de beweging van de kringen steeds zwakker wordt.

Maar onmiskenbaar heeft elke beweging een invloed die verder reikt dan het moment zelf. De invloed van onze gedachten, woorden en daden reiken verder dan het moment.

We hebben het in de afgelopen jaren kunnen zien, wat is ontstaan na de bankencrisis. In de wereld, in Europa, in Nederland, in de levens van mensen om ons heen, misschien wel in ons eigen leven.

De bankencrisis staat niet op zichzelf, die is ontstaan vanuit een opbouw waar wij allen aan meegewerkt hebben.

Ook zien wij, al een aantal jaren nu, vluchtelingen die naar Europa komen. Ook dit is niet zomaar ontstaan. Wij hebben daar in het Westen zeker ook deel aan gehad. Om maar een paar voorbeelden te noemen; kolonisatie, grondstoffen en goedkope werkkrachten uit deze landen halen, het leveren van wapens aan of de ene partij of de andere partij of soms zelfs aan beide partijen. En zoveel wat wij als leek niet kunnen zien of weten tenzij we heel diep gaan graven.

Er is, zo geloof ik, een verband te vinden tussen al deze zaken.

Zolang er zoveel verschillen zijn tussen arm en rijk, tussen machtig en onmachtig is er disbalans. Het schuren en de frictie die er is zal doorgaan totdat er weer een eerlijker evenwicht in het geheel is. De scheefgroei van tientallen jaren, van enkele eeuwen zal ook weer zoveel tijd nodig hebben om terug in balans te komen. Daarvoor is er een omkering in ons denken nodig.

We zullen, net als bij de bomen die sterker zijn die de zwakkere bomen voeden, ook de zwakkeren in onze samenleving moeten voeden. Eerlijker verdelen van wat er is.

Actueel nietwaar, in het huidige debat over ouderen. Kosten zij teveel? Kennen wij hen geen waarde meer toe zodat zij zichzelf tenslotte ook geen waarde meer toekennen? Bij de bomen in het bos zijn de oude stronken nog van groot belang, zijn deel van het proces.

In vroeger tijden ging het om de groep, om het groepswelzijn, om het geheel. Hier, in West Europa gaat het steeds meer om het individu, om het ik, we zijn de nabije – maar zeker ook de verre – ander meer en meer gaan vergeten.

We zouden misschien weer terug moeten naar het denken als geheel, als een verbonden netwerk. Omkering in denken.

Het verhaal van Jona is een verhaal over omkering.

Het boek Jona wordt bij de Joden gelezen op Grote Verzoendag. Jom Kippoer, Grote Verzoendag is een dag van boetedoening, van Tesjoewa. Tesjoewa is berouw, inkeer, omkeer,in relatie zowel tot God als tot de mensen. 

Het boek Jona is één van de kortste Bijbelboeken. Het is een verhaal met een open begin en een open einde.

De naam Jona betekent Duif en de naam van zijn vader, Amitai betekent Waarheidsgetrouw. Het gaat hier dus om de Duif, zoon van de waarheidsgetrouwe.

De duif is het symbool van, we zagen het bij de Ark van Noach, degene die er opuit gestuurd wordt en weer terugkeert. Steeds opnieuw. En dat zien we dan ook in dit verhaal bij Jona gebeuren. Elke keer wanneer Jona de verbinding kwijt is, is er ook weer mogelijkheid om terug te keren.

Jona is een profeet. Een profeet waar de woorden van God doorheen spreken. Nee, het is geen voorspeller. Een profeet vertelt Gods woord, wat er zou kunnen gebeuren als er niet naar dit woord van God geluisterd wordt.

In dit geval wordt de profeet Jona door God naar Nineve gestuurd. Jona , sta op en ga naar Nineve om daar te vertellen dat hun kwaad is opgestegen voor Gods aangezicht. 

En wat doet Jona?

Jona vlucht. Jona gaat precies de andere kant op.

Jona vlucht.. de boot in.. helemaal onderin. En hij valt in slaap. Het gaat stormen en het schip lijkt door de golven te zullen gaan breken. Maar Jona slaapt.

Ook wij gaan soms precies de andere kant op dan de kant die we eigenlijk op zouden moeten gaan. Omdat het ons beter uitkomt. Lastig al die vluchtelingen hier, die ons uit ons eigen comfort halen. Of: Even een leugentje om bestwil. Of: Even een verhaal zo draaien dat we er zelf beter uitkomen naar buiten toe. En: We doen toch allemaal mee aan de consumptiemaatschappij die onze aarde uitput? We kennen het allemaal. We vluchten in werk, in alcohol, in ziekte, in fantasie, en… noem maar op.

Maar zo verliezen we wel de verbinding. De verbinding met onszelf, met onze medemens, met God. 

Vaak sluiten wij onze ogen, ook al stormt het en breekt de wereld om ons heen. Wij houden ons ook vaak slapend. En eerlijk is eerlijk, ik weet vaak ook niet hoe het anders moet of kan.

Jona wordt in de zee geworpen en de zee komt tot kalmte. Hij wordt opgeslokt door een grote vis. Drie dagen zit Jona in de vis, drie dagen van inkeer. En dan begint Jona te bidden. Jona gaat in gesprek met God. Hij verbindt zich weer met God.

Dat is het mooie van de Bijbel vind ik, mensen gaan daar met God in gesprek. Kijk maar naar Adam en Eva, naar Abraham, naar Mozes. Jona gaat met God in gesprek, de duif keert weer terug.

Misschien is dit wel een moment van volledige overgave. Overgave aan dat er storm is en dat we het daarin soms moeten uithouden. De sprong wagen, zonder de uitkomst te weten. Zoals Jona zich vrijwillig in de woeste zee laat werpen.

De zeelieden eren de God van Jona. Zij keren zich om van hun vele goden naar de ene God. Tesjoewa, omkering. 

Jona wordt door de vis op het droge uitgespuugd en Opnieuw werd het woord van de Eeuwige in Jona vaardig. En dan gaat Jona naar Nineve en zegt de mensen in de stad: Nog veertig dagen en Nineve wordt ondersteboven gekeerd.

Jona vertelt hen dat de stad ondersteboven wordt gekeerd, wordt omgekeerd.

Maar er vindt een andere omkering plaats dan je in eerste instantie denkt dat zal gebeuren. Ja, de stad wordt omgekeerd. De mensen in de stad, ja, zelfs de koning, krijgen berouw van het kwaad, krijgen berouw van hun manier van leven. Zij keren zich daarvan af, zij keren om, Tesjoewa, omkering, berouw.

De mensen in de stad, inclusief de koning, wenden zich tot God, net als de zeelieden op de boot. Ze verbinden zich met God en met de goede manier van leven.

Maar Jona is verontwaardigd, hij voelt zich voor schut gezet. Hij had het al gedacht en zegt: Ik wist dat Jij een genadige en barmhartige Godheid bent, lankmoedig en rijk aan weldadigheid.

En wanneer God een wonderboom laat groeien die Jona schaduw geeft en die vervolgens laat verdorren is Jona opnieuw boos. God stelt Jona dan de vraag of hij niet kan begrijpen dat wanneer die ene boom voor Jona zo belangrijk is, God een stad met zoveel mensen niet belangrijk zou vinden?

Hier eindigt het verhaal. Er komt geen vervolg, het is een open einde.

Er wordt niet meer verteld hoe Jona reageert. 

Het verhaal laat ons zien dat alles steeds opnieuw weer aan de orde komt. En iedere keer opnieuw raken wij in ons leven de verbinding kwijt, om wat voor reden dan ook, zoals Jona iedere keer de verbinding met God en met zijn medemens kwijtraakte. We mogen boos zijn en in gesprek gaan met God. En iedere keer mogen wij ons omkeren. 

Iedere keer mogen wij ons opnieuw verbinden. Verbinden met onszelf, met onze medemensen, met de wereld om ons heen en met dat wat ons overstijgt.

Misschien zou onze opdracht kunnen zijn om opnieuw tot heelheid, tot éénheid te komen. Ons deel te weten van dat verbonden net, elk als een parel, als in het net van Indra.

Ik wil graag eindigen met een uitspraak van Paul de Blot, hoogleraar spiritualiteit aan Nijenrode – Gelukkig is de zinloosheid van ons bestaan slechts de buitenkant van ons leven, want in het diepst van ons hart is elk individu gericht op samenhang met alles wat bestaat. Dat is de kern van de ecologische spiritualiteit, waarin de natuur onze leermeester is. Dat is de zin van ons leven. In de natuur is alles gericht op samenhang. Alles heeft met alles te maken. Ieder individu vormt een onderdeel van een wereldomvattend ecologisch netwerk.

Amen

Monika Rietveld