Home » Ontmenselijkt lijden

Ontmenselijkt lijden

Kruisstatie Aad de HaasIn het Zuid-Limburgse dorpje Wahwiller staat een oud kerkje dat er al staat sinds de 12e eeuw. Afgelopen zomer, tijdens mijn vakantie, was ik er in de buurt en wilde er persé een bezoek brengen vanwege de beroemde 16 schilderijen die er langs de wanden hangen, die de laatste gang van Christus uitbeelden. Deze zogeheten kruiswegstaties zijn in 1946, vlak na de oorlog, gemaakt door de kunstenaar Aad de Haas.

Hij werd in 1920 in Rotterdam geboren en ging aldaar studeren aan de academie van Beeldende Kunsten. Hij groeide op in een katholieke omgeving en zijn hele leven zou hij overtuigd katholiek zijn. Een belangrijke invloed zou de Duitse bezetting hebben op het leven van De Haas. Bij het bombardement van Rotterdam in mei 1940 werd de academie, evenals veel prille werken van de kunstenaar verwoest. Natuurlijk bracht zijn vrije kunstenaarsgeest hem in de problemen met de bezetter. De Duitsers bestempelden zijn kunst als “ontaard”. Daarbij vereeuwigde hij de wandaden van de nazi’s in meerdere werken. Zelfs Hitler, Goering en Goebbels werden door hem afgebeeld met uitgemergelde oorlogsslachtoffers. Daarvoor zou hij in 1942 maanden opgesloten worden met de daarbij horende vernederingen. Onverwachts ontliep hij zijn doodsoordeel. Na zijn vrijlating, na advisering van vrienden, dook hij onder in Zuid-Limburg.

Eén van de schilderijen staat bovenaan dit artikel. Het is het moment dat Jezus een groep vrouwen passeert die zich op de borst slaan en over hem weeklagen. Jezus keert zich naar hen om en zegt: “Dochters van Jeruzalem, weent niet om mij. Ween liever over uzelf en uw kinderen.” (Lc 23:28) Uit de houding van Jezus en van de vrouwen spreekt een intense interactie. Zelfs zonder woorden gebeurt er veel. Wie troost wie? De vrouwen zijn ontzet over de deplorabele toestand waarin zij Jezus aantreffen. Het schilderij drukt intensiteit, eenvoud en vervreemding uit. De gezichten zijn nauwelijks menselijk meer, bijna dierlijk. Je voelt de ervaringen van de kunstenaar met de ontaarde, ontmenselijkte oorlogstijd. Het lijden, de verschrikking van de kruisiging lijkt onder een zekere wazigheid van de afbeelding ook onderdrukt, omdat ze te heftig is om te kunnen voelen.

Deze schilderingen weken wel erg af van wat gebruikelijk was in katholieke kerken. De bevolking van Wahlwiller, die grotendeels bestaat uit arbeiders en boeren, was zwaar gechoqueerd door de manier waarop de Haas de Bijbelse figuren, en vooral Jezus, uitgebeeld heeft.  Eén van hen zegt er zoveel jaar later over: ‘Ik herinner mij nog dat ik het heel vreemd vond: sommige figuren op de staties leken wel een soort hondenkoppen te hebben. Mijn ouders waren woedend, ze vonden dit een schandalige kruisweg.’ Op last van de bisschop moesten ze daarna verwijderd worden in 1949. De motivatie van zijne eminentie was dat deze uitbeeldingen van Christus’ lijden ‘geen geschikte devotie objecten zijn voor eenvoudige dorpelingen’. Op Goede Vrijdag van dat jaar droeg de kunstenaar met grote frustratie zelf de 16 panelen de kerk uit. Er kwam echter eerherstel. Bij de restauratie van het kerkje in 1979-1980 zijn ze gelukkig weer teruggeplaatst. Aad de Haas, die in 1972 overleed, heeft dat helaas niet meer meegemaakt.

Peter Korver