Omzien naar elkaar

Deze maand viel bij leden van Vrijzinnigen Nederland het magazine Omzien op de mat. Wanneer u het niet ontving en wel geïnteresseerd bent; boven in de Kapel liggen exemplaren, vrij om mee te nemen.

Afgelopen jaar deed Froukje Pitstra, in opdracht van Vrijzinnigen Nederland, onderzoek naar vrijzinnig pastoraat. Haar uitkomst, een stuk geschiedenis over pastoraat en bijdragen van sommige u bekende en andere minder bekende mensen staan in het magazine.

Gek, het stukje geschiedenis is het allerlaatste artikel. Het leert mij dat in 1871 oecumenische samenwerking werd gezocht tussen katholieken, hervormden, remonstranten en joden. Het resulteerde in het Genootschap Liefdadigheid naar Vermogen waar geen onderscheid mocht worden gemaakt naar geloof en afkomst.

De NPB verzorgde een vakantiekolonie voor bleekneusjes, opvang voor vrouwen in de knel en een aantal herstellingsoorden. Stichting Allegoeds is nog steeds actief.

Dit alles was de voorloper van het algemene, moderne maatschappelijk werk. Mooi dat wij als Vrijzinnigen daar ons steentje aan hebben bijdragen.

Het onderzoek

Uit het onderzoek naar pastoraat binnen de afdelingen van Vrijzinnigen Nederland blijkt dat de meeste vrijzinnigen behoefte hebben aan pastoraat én er gebruik van willen maken. Naast traditionele vormen wordt gezocht naar nieuwe vormen zoals een meditatiegroep of yoga met een pastoraal element en wandelpastoraat.

Het is fijn daarbij te merken dat wij als Kapel passen in zowel het traditionele als het vernieuwende model van pastoraat.

De waardering voor vrijwilligers, de contactpersonen, die bezoekwerk doen is hoog. Het zijn mensen die hun eigen ervaring en kwaliteiten meenemen in bezoekwerk en zij zijn de oren en ogen van de professionals.

Onze eigen Peter Korver wordt in het onderzoek geciteerd met de uitspraak Kenmerkend voor het vrijzinnig pastoraat is niet God, maar de mens.

Een juiste uitspraak denk ik, want in het omzien naar elkaar zien wij God in de ander. Het kan toch niet zo zijn dat wij God zien en daarbij onze medemens vergeten?!

De professional

Met Lauk Spelberg kan ik instemmen wanneer zij zegt dat het een voorrecht is dat mensen je toestaan om bij hen binnen te komen en een intiem inkijkje in hun leven te geven. Dat het proces van stervensbegeleiding en samen met nabestaanden een uitvaart vormgeven ook heel inspirerend is.

De mensen die wij als professional bezoeken weten, moeten weten en ervaren, dat wat ons wordt verteld veilig is. Het kan bevrijdend zijn om iets wat je nooit hebt durven zeggen toch eens tegen iemand uit te spreken. Iemand die zonder oordeel luistert.

De ontmoeting

Een afdeling die op leven na dood was, is Het Venster in Veenendaal. Het roer ging om; de kerkzaal werd een multifunctionele ruimte en de voorganger werd ingeruild voor een projectleider. De afdeling werd een experimentele ruimte.

Nieuwe initiatieven zorgden ervoor dat de afdeling weer kon en ging groeien. In een dialoogbijeenkomst werd ook naar het pastoraat gekeken; wat is goed, wat kan beter of anders?

De conclusie was dat pastoraat op drie pijlers rust, namelijk: Omzien naar elkaar als vanzelf omzien naar elkaar in bijzondere situaties en individuele begeleiding rond zingeving en spiritualiteit door beroepskrachten.

Zij kozen ervoor om vraaggericht te gaan werken wat wordt gestructureerd door een coördinatiegroep. Deze groep wordt geadviseerd door een pastoraal werker die op oproepbasis verbonden aan deze gemeenschap.

Omzien in de Kapel

In de Kapel wordt al sinds jaar en dag, naast de beroepskrachten, gewerkt met een geweldig team van bezoekvrijwilligers. Deze contactpersonen worden ouder en voor verschillende van hen wordt het bezoekwerk te belastend.

De professionals blijven. Tegelijkertijd is het voor ons goed te zoeken naar- en open te staan voor nieuwe vormen van omzien naar elkaar.

Monika Rietveld