Kunst, de kleur van de ziel

Zondag 15 april sloten we het halfjaar-thema ‘Kunst, de kleur van de ziel’ af. Dat gebeurde in een anders-dan-anders dienst. De titel is bedacht door Jeantine van de Heuvel, lid van het kunstteam die inmiddels, helaas, ons is ontvallen. Er waren exposities van het werk van de schilder en theoloog Ruud Bartlema, een fototentoonstelling met portretten van onze eigen Anne de Jong, kapellezingen van Bartlema en Everdien Hoek en er was een succesvolle zaterdag met workshops waarin zelf geschilderd kon worden, met levensverhalen gewerkt werd of samen gezongen werd.

Vrijzinnigen hebben altijd verbinding gelegd tussen geloof en cultuur (kunst, poëzie, muziek). Protestanten zijn steeds afkerig geweest van andere benaderingen dan het woord. Daar heeft het vierde gebod uit Exodus natuurlijk mee te maken: maak geen godenbeelden, geen enkele afbeelding van iets dat in de hemel hier boven is of van iets beneden op de aarde of in het water onder de aarde. Bijbelteksten die verwijzen naar kunst zijn er nauwelijks, of het moet zijn in negatieve zin. Evangelische en orthodox-protestantse christenen hebben de kunst daarom naar de rand van het leven verwezen. Het gaat immers om de ‘geestelijke’ dingen en niet de ‘wereldlijke’ dingen zoals de kunst. Katholieken daarentegen hebben met beelden nooit problemen gehad. Die kerk staat bekend om de kunstzinnige uitingen van haar geloof. Vrijzinnigen zitten in dat opzicht tussen protestanten en katholieken in. Zij proberen God niet alleen in woorden te zoeken, maar evenzeer in kunst. We kunnen die niet missen in onze geloofsbeleving. Woorden schieten vaak tekort als het gaat om het onzegbare. God is maar gebrekkig in concrete woorden te vatten, vaak lukt het iets beter met beelden, muziek, rituelen en symbolen.

Tijdens de viering van 15 april lieten twee van onze leden iets zien hoe de kleur van onze ziel tot uiting kan komen in kunst.

Joke Ubbink vertelde over de Amerikaanse schilder Mark Rothko (1903-1970). Eerst schilderde hij figuratief, veel portretten, tot geleidelijk aan abstract. Vergelijkbaar dus met Piet Mondriaan (1874-1944) die hij ook zeer bewonderde. Vanaf de jaren vijftig schilderde hij alleen grote vlakken in kleuren die hij herhaaldelijk gedeeltelijk over elkaar heen schilderde, vaak met overgangen die vaag werden gehouden zodat je als toeschouwer geboeid blijft staan kijken. Wazige kleurvelden die je het gevoel van betrekkelijkheid geven, het is niet absoluut, niet overduidelijk. Het werkt op je in.  De interactie met de bezoeker was voor Rothko van groot belang. Het bracht welhaast ‘een aan het religieuze grenzend gevoel’. “Mensen staan voor mijn schilderijen te huilen, omdat ze dezelfde spirituele ervaring hebben als ik had, toen ik het schilderde”.

Anne de Jong maakte met zijn gezin in 2016 een reis door Zuid-Afrika. Daar maakte hij foto’s van allerlei mensen die hij op straat tegen kwam.  En het mooie is dat de geportretteerde mensen allemaal de camera in kijken. ‘Wij kijken naar hun. En zij kijken terug.’ Hij was verrast hoe bereidwillig en open zij je aankeken en zich wilden laten fotograferen.  Ze toonden hem ‘de kleur van hun ziel’.

In zijn overdenking legde hij een relatie met de bekende joodse filosoof Emmanuel Levinas. Het aangezicht, het menselijk gelaat, (“visage”) vormt het uitgangspunt van zijn filosofie. De oneindige openbaart zich enkel en alleen in het gelaat van de Ander. God zelf komt daar niet aan te pas: de Oneindige, Eeuwige is een Ongrijpbare die voorbijgegaan is en die ons heeft achtergelaten met de Ander. De Ander doet mij de zorg om mijn eigen voortbestaan ‘vergeten’. Die Ander doet een appèl op mijn verantwoordelijkheid: een bevel om mijzelf te plaatsen in dienst van de Ander. Hij noemt dat het bevel dat uitgaat van het aangezicht van een ander mens. Een verplichting zonder dwang. Het woord van God wordt in het gelaat van de Ander aan ons geopenbaard.

De twaalf foto’s die nu in De Kapel hangen zijn het resultaat van Anne’s bewerkingen. “Niet eerder heb ik mijn werk zo kunnen of durven tonen. U mag best weten dat onzekerheid ook deel uitmaakt van mijn wezen. Het voelt dan ook als een ‘coming out’ waarvoor ik de kunstcommissie dankbaar ben. Ik ben blij dat ik zelf de selectie niet heb hoeven maken. Ook ‘keuzes maken’ is niet altijd mijn forte.”

Na de zomer gaan we van start met een nieuw halfjaarthema en dat is Duurzaamheid. We staan stil bij de vraag hoe we onze aarde leefbaar kunnen houden en op een goede manier kunnen doorgeven aan volgende generaties van mensen, dieren en planten. En ook hoe we als geloofsgemeenschap daar een bijdrage aan kunnen leveren.

Peter Korver