Herbergdienst 2 juni 2013

Herbergier en herbergierster begroeten u

Sybout:
Lieve mensen, welkom in herberg “De Kapel”. Fijn dat jullie gekomen zijn. Herberg de Kapel. Deze aanduiding is niet zonder betekenis. Een herberg is een plaats van ontmoeting. Ont – moeting wil zeggen: hier gaat het niet om “moeten”, maar om mogen. Hier kom je, omdat je elkaar graag weer wilt zien en spreken. In de herberg kom je,  als het even kan, weer op verhaal. Hier mogen de levensverhalen over en weer gaan. Hier mag je zowel een verhaal halen als een verhaal brengen, beide om weer op verhaal te komen. En dan kan het zomaar gebeuren, dat een gedeeld moment aan de herbergtafel wordt als
* een teken van licht en vuur
* met adem voor de lange duur

* een luisterend oor dat mijn verlangen leest
* het hart gewonnen voor Gods Geest

Evelijne:
Graag wil ik u iets zeggen over het doel van deze herbergbijeenkomst: ont – moeting bij een informeel kopje thee of koffie, door samen een paar liederen te zingen, door te luisteren naar Ruzanna en Annet, maar ook bezinning over een wezenlijke vraag rond het woordje “crisis.”. Er heerst al meer dan vijf jaren een crisis in Nederland, Europa, misschien wel wereldwijd. En veelal gaat het alleen maar over: een zwakke euro, hoge hypotheeklast, pensioenzorgen, consumentenvertrouwen,  Europese-eenwording, kortom over economie. Het lijkt wel de naam van de enige godsdienst die er nog toe doet, goddelijke economie. Kan en wil een vrijzinnige geloofsgemeenschap daar iets tegen in brengen? Of,  als dat teveel gevraagd is ,er  iets naast zetten? Als veel zekerheden wegvallen, als ook de traditionele kerkelijke gemeenschap niet of nauwelijks meer in staat is om antwoorden te  geven op problemen, moeten we  daar dan maar in berusten?

Sybout:
Nee. Hier durven we  in bescheidenheid te zeggen dat de herberg die plaats wil zijn, waar we nieuwe gemeenschap ontdekken. Achter de woorden van het verstand, schuilen die van de verbeelding. Achter wat ik meen te weten, is een weten dat toegedekt is en er zijn weinig plaatsen waar dat tevoorschijn kan en mag komen. Want het gaat over ontvankelijkheid, kwetsbaarheid, emotie. Als nou deze Kapel die herberg zou kunnen zijn, waar ik mag zoeken, samen met anderen, naar de verborgen stem in het gebeuren… Dan kom ik weliswaar niet met kant-en-klare oplossingen en antwoorden thuis, maar dan kan ik op een volgende thee-, koffie- of verjaarsvisite misschien wel een inbreng hebben, die het gesprek uit de impasse van de godsdienst economie kan halen en op een niveau brengt waar ik mijzelf in mag herkennen. Waar een laag in mijn bestaan wordt geraakt, die over mijn identiteit gaat, die richting geeft aan mijn waarden en normen, waar mijn basis ligt voor de hoop op geloof in de liefde.

We zingen een liedje van verlangen:
uit: Tussentijds lied 5
In de veelheid van geluiden

HOOFDGERECHTEN:

Een verhaal om over na te denken

Sybout:
De mens genaamd Job leefde in het land Oez: hij was integer en waarachtig, had diep respect voor God en was wars van het kwade. Zeven zonen had hij en drie dochters, 7000 schapen en geiten bezat hij aan wolvee, verder 3000 kamelen, 500 span ossen en 500 ezelinnen. En aan dienstpersoneel een hele menigte, een stoet van slaven. Job was de rijkste oosterling. De zonen van Job waren gewoon om de beurt een feest te geven bij hen aan huis, ter gelegenheid waarvan zij ook hun drie zusters uitnodigden om te komen eten en drinken. En iedere keer, als er weer zo’n familiefeestdag, zo’n reünie voorbij was, liet Job zijn zonen bij zich komen voor een rituele reiniging, want Job dacht: Die jongens van mij kunnen wel te kort geschoten zijn en zogezegd, God niet helemaal serieus hebben genomen.
Evelijne:
De dag kwam dat Jobs zonen en dochters weer maaltijd hielden en wijn dronken ten huize van de stamhouder, toen een bode dit bericht bracht: de ossen waren aan de ploeg, de ezelinnen graasden vlakbij en plotseling was er een roofoverval van opstandelingen: ze doodden de jongens…ik ben als enige ontkomen…                                                                                  
Hij was amper uitgesproken, toen er een ander kwam: een machtige bliksem sloeg uit de hemel neer en verbrandde op slag al ’t wolvee en de jongens daar…ik ben als enige ontkomen…
Hij was amper uitgesproken, toen een ander kwam: …uw zoons en uw dochters … ze hielden maaltijd en dronken wijn bij hun oudste broer…plotseling stak er een windhoos op uit de woestijn en sloeg aan alle kanten op het huis, zodat het instortte …en daarmee al uw hoop…ze zijn dood gebleven. Ik ben als enige ontkomen…

Sybout:
En Job stond op, scheurde zijn kaftan open, schoor zijn hoofd kaal. Hij wierp zich plat voorover op de grond. Alsof het niet genoeg was kreeg Job van voetzolen tot kruin kwaadaardige gezwellen. Zijn vrouw zei tegen hem: Blijf je nog altijd integer, man? Vervloekdie God van je toch en maak er een eind aan. Job gaf als antwoord: Vrouw, je praat als een kip zonder kop. Er kwam Job geen onvertogen woord over de lippen.
Sybout:
De drie vrienden van Job hoorden wat voor ellende hem was overkomen en ze besloten Job te gaan opzoeken om hem te troosten en op te beuren, maar ze kenden hem niet terug. Toen barstten zij uit in jammerklachten, scheurden hun kaftan en legden een stofwolk van rouw tussen hun hoofd en de hemel. Zo bleven zij zeven dagen en zeven nachten lang bij Job op de grond zitten, zonder dat er een woord viel. Want ze zagen wel: zijn verdriet was mateloos.

Solozang:

van Ruzanna Nahapetian met het lied Meine Seele hört im Sehen (Händel, HWV 207)

Intermezzo met koffie

Tafelgesprek

Evelijne:
De crisis van Job is enerzijds heel persoonlijk, maar ook wel heel herkenbaar. Wie is in het eigen leven gespaard gebleven voor enige vorm van crisis? Tijdens de wintercyclus over de vraag “Wie is de mens” is o.a. Christa Anbeek hier in De Kapel geweest om te spreken over het boek dat ze samen met de Jong schreef: “De berg van de ziel”. Vrijdag j.l. hebben we in de ochtend gesprekskring  gesproken over haar benadering van een persoonlijke crisis.

De vraag die rees – en die vanmorgen n.a.v. het verhaal van Job aan de orde komt – gaat over de eigen ervaring, die je/u opdeed toen, bij wijze van spreken, “de drie vrienden van Job” langs kwamen. Hoe ben je toen geholpen, getroost en bemoedigd? Heb je gehoord wat echt hielp? Zou je het zelf ook zo willen doen?

(Denk aan overlijdensbericht van ouders, geschreven door Marinus van den Berg)

NAGERECHTEN:

Solozang
Ruzanna Nahapetian
met het lied Der gute Hirt (Franz Schubert)

Collecte
voor de eigen geloofsgemeenschap (in de collectezak) en voor de diaconie (in de collecteschaal), die het gegeven bedrag doorgeeft aan de organisatie SHO (giro 555) voor opvang van ongeregistreerde vluchtelingen uit Syrië.

We zingen elkaar een “a Dieu” toe:
uit: Tussentijds lied 114
Nu wij uiteen gaan