Carel ter Linden: Het is onze opdracht om op God te lijken

Op een goed bezochte avond in De Kapel presenteerde ds. Carel ter Linden op 18 februari zijn laatste boek Bijbelse Miniaturen. De meeste mensen kennen hem als ‘hofpredikant’ die diverse koninklijke huwelijken inzegende en de uitvaart van prins Claus leidde. In De Kapel is hij meerdere keren geweest. Vijf jaar geleden om met ons van gedachten te wisselen over zijn boek Wat doe ik hier in Godsnaam en anderhalf jaar geleden voor de anders-dan-anders viering met gedichten van zijn hand. 

In Bijbelse Miniaturen heeft hij in 70 kleine hoofdstukjes de bekendste bijbelverhalen in steeds twee bladzijden op vrijzinnige manier naverteld. Je zou kunnen spreken van een ‘vrijzinnige kinderbijbel voor volwassenen’. 

 Tijdens de avond vertelde de inmiddels 85-jarige dominee dat het boek is gegroeid uit een radioprogramma voor de NCRV waarin hij iedere week in drie minuten een verhalen moest vertellen. 

Wat zijn nu steeds de leidende gedachten als hij vertelt? Hij liet ze ons nog eens weten: bijbelverhalen zijn geen verslagen van historische gebeurtenissen, maar bouwstenen voor een levensvisie die ouders aan hun kinderen meegeven. De bijbel doet dat in de vorm van verhalen en dat stamt uit een tijd dat de meeste mensen niet konden lezen en schrijven en het vertalen van verhalen de beste mogelijkheid was voor overdracht. Revolutionair was dat Genesis aangaf dat de mens geen speelbal is van hemelse krachten, dat de zon en de maan geen goden zijn, maar gewone lichten en dat de mens zelf verantwoordelijk is voor wat er gebeurt. God is geen persoon die op een menselijke manier boos wordt, eist, van gedachten veranderd, maar een ‘heilig krachtenveld van eeuwige beginselen’ zoals liefde, barmhartigheid, goedheid, vergeving.  We moeten God beschouwen als een werkwoord. Is het zinvol om God aan te spreken als een ‘U’? Volgens Ter Linden toch wel: ‘Met een ‘iets’ kan ik geen relatie hebben.’